No Impact Week NL

Ongeveer een maand geleden gaf ik mij op voor de No Impact Week NL, welke nu aan de gang is. Bij inschrijving had ik meteen al bedenkingen: als aardwetenschapper ben ik mij volop bewust van de grootsheid van de wereld en het universum en de kleinheid van de mensheid, maar vooral ook onze onlosmakelijke verbondenheid met ons milieu. Geen impact hebben is simpelweg onmogelijk. Zonder leven was er nu geen zuurstof in de atmosfeer, was de temperatuur niet zoals we hem nu hebben en was de zeespiegel ook niet! Klinkt als klimaat verandering? Ja, natuurlijk! Maar ik heb het over de klimaat verandering die miljoenen jaren, tot een miljard jaar geleden zelfs door de eerste levensvormen is veroorzaakt. Ja, wij hebben impact, maar dat heeft elke levend wezentje op aarde. Strict genomen zelfs elk beetje materie, maar niet-levende materie heeft natuurlijk wat minder en/of minder snelle interactie met zijn omgeving. Geen impact hebben is dus onzin. Iedere ademteug, plasje, poepje en hapje heeft een impact. En zelfs als ik zou sterven zal mijn lichaam tot as of compost omgezet worden en aan de aarde teruggegeven. Wederom impact.

Impact zullen wij dus altijd hebben op het milieu, maar met een ‘groenere’ levensstijl kunnen we wel bijdragen aan een schonere wereld met veel biodiversiteit, minder schrijnende armoede en wie weet wat voor moois nog meer? Dus heb ik me toch maar ingeschreven voor de No Impact Week.

http://noimpactweek.nl

http://twitter.com/#!/search/%23noimpactweeknl

Noimpactweek
View more documents from rsekhon.
Posted in Socio-Eco-Logic | Comments Off

Landelijke dag Burkina Faso Platform 2010

De landelijke dag van het Burkina Faso platform heeft mij de afgelopen maanden goed bezig gehouden. Zoveel dat ik alle webdev en dit blog bijna volledig links heb laten liggen. Maar de feitelijke dag was een groot succes, al is dat weer een subjectieve impressie van mij. Ik had het te druk om feiten, cijfers en meningen te kunnen verzamelen.

Maar wat ik zag, was mensen die aandachtig luisterden naar de presentaties, actief meededen aan de workshops en vooral heel veel met elkaar praatten en op zoek waren naar raakvlakken en mogelijkheden tot samenwerking.

Kritische noten waren er ook volop: wordt dat project wel goed aangepakt, waarom doen jullie dat niet, of dat wel? Ook met de keynote speakers was niet iedereen het eens en een enkeling vond de Burkina Faso dag te nauw gedefinieerd, omdat het zich op slechts één land richtte.

Al die kritiek vind ik alleen maar geweldig. Het houdt ons scherp en schept ideeën voor de invulling van een volgende dag. De volgende editie in 2011? Ik vraag me af of we dat halen. De organisatie is toch wel een hele toer. Maar misschien begin 2012! Wilt u er dan ook bij zijn? Laat het mij alvast weten.

Later meer over deze geslaagde dag!

Een kleine preview:
http://www.samsamwater.com/burkinafasodag/
http://burkinadag.yatchanafm.com/#home
http://twitter.com/luukdiphoorn

Ik probeer deze week nog alle presentaties online te plaatsen op de officiele sites:
http://burkinafasoplatform.nl/

http://auburkina.nl/Platformdag2010

http://burkinadag.yatchanafm.com/#23

Posted in Uncategorized | Comments Off

Tour du Faso 2010 – NL wint 4e etappe

De Tour du Faso is een jaarlijkse wielren tour die sinds 1987  jaarlijks in Burkina Faso gehouden wordt. In 2010 is de 23e editie van start gegaan op vrijdag 22 oktober. De eerste etappe werd meteen gewonnen door de Nederlander Peter Van Agtmaal.

In 10 etappen wordt er 1261,7 kilometer afgelegd door Burkina Faso. 96 wielrenners doen mee uit 11 Afrikaanse landen en 4 Europese.  (Benin, Burkina Faso, Cameroon, Ivoorkust, Gabon, Ghana, Marocco, Rwanda, Senegal, Sierra Leone, Togo, Belgie, Frankrijk, Nederland en Slovakije).

De tour wordt georganiseerd door Amaury Sport Organisation (ASO).

Volg de uitslagen op http://www.wielerland.nl, http://www.cyclingnews.com of http://tv5mondeplusafrique.com

Posted in Media, Personal, Socio-Eco-Logic, must see, travels | Comments Off

Fietser van FietsenvoorBurkina verongelukt!

Wat Triest! Een fietser voor het goede doel verongelukt op de weg!

http://www.telegraaf.nl/binnenland/7679847/__Goede_doel-fietser_verongelukt__.html

De fietser was van:

http://www.fietsenvoorburkina.nl

Zo te zien had de ploeg  de straat van Gibraltar al berijkt:

http://share.findmespot.com/shared/faces/viewspots.jsp?glId=0eTQlEBSb6NAtfMaVhu60kymW0d5WU1aN

Ons medeleven aan de groep en de nabestaanden!

Posted in Uncategorized | Comments Off

Dicko Fils op Festival Mundial

19 en 20 juni was het weer Festival Mundial in Tilburg. Ondanks de voorspelde regen zorgde de zon toch voor een tropische sfeer en ondanks het voetbal was het hartstikke druk en gezellig. Ook de vliegtuigen van de open luchtmacht dagen in Gilze Rijen maakten van deze dag een bijzondere belevenis.
visit Festival Mundial

Enkele zeer bekende namen die speelden: Flogging Molly, N.E.R.D, Sean Paul, Caro Emerald en Babylon circus. Maar Mundial zou Mundial niet zijn als er ook een groot aantal (mij) minder bekende internationale en nationale artiesten speelden. Enkele waar ik enorm van genoten heb: Caspian Hat Dance, Alison Hinds en Blue King Brown. Er was ook weer genoeg goede afrikaanse muziek te horen: Wind Afrique (ghana) en Dicko Fils uit Burkina Faso. Op youtube zie ik nu dat ik ook wat gemist heb door niet naar Metzo Djatah (senegal) te gaan. Victor Deme (BF) heb ik dan weer wel gezien, maar zijn meer Westerse en Caribische invloeden konden mij helaas niet lang fascineren. Een andere generatie.

Ik was blij verrast om ook Erik Vloeimans op Mundial te zien, mijn favoriete trompetist. Ditmaal in samenwerking met Fremdkunst XL en Baba Sissoko. Wat is die man toch weer geweldig. De samenwerking deed me wel aan het album Saloua van Truffaz denken, maar die werkte toen samen met een Soefi zanger, wat toch een hele andere stijl oplevert. Heerlijk mannen, ga zo door!

Tenslotte, Dicko Fils heeft nog veel meer in huis dan wat ze op Mundial hebben laten zien. Kijk maar naar dit feestje wat ze op station Tilburg gebouwd hebben, en zoek maar naar hun breakdance filmpje youtube. Wat een geweldige band. Fantastisch dat dit soort dingen ook in Nederland gewaardeerd worden.

Posted in music | Comments Off

Jezus werd ook misbruikt

In maart dit jaar was het Katholiek-Christelijke geloof volop in het nieuws. Als reactie daarop wou ik een post schrijven waarin ik verschillende aspecten bij elkaar zou brengen die mij waren opgevallen: Allereerst was er natuurlijk de berichtgeving over misbruik van kinderen op Katholieke scholen en internaten door geestelijken. Ten tweede was er het weigeren van de hostie aan homo’s.

Leef een geheiligd leven, heb uw naasten lief.

aanleiding

Begin dit jaar (2010) komt de Rooms-Katholieke kerk in opspraak door enkele grote schandalen met seksueel misbruik in Ierland, de V.S. en Duitsland. In februarie denken sommige critici nog dat Nederland de dans zal ontspringen, en verklaringen hebben ze ook al klaar staan: In Nederland is alles bespreekbaar, dus minder taboe en dus is de kans op misbruik kleiner (Anke Bisschops, geciteerd door Joep Trommelen). Helaas. Er werd te vroeg gejuigd.

10 dagen later (26 februarie) komt het NRC handelsblad met een publicatie over misbruik op een Nederlands, Salesiaans internaat. Het gebeurde niet incidenteel. Zowel paters als leerlingen wisten er wel min of meer van (Joep Dohmen). Daarmee is het hek van de dam.  Krap een maand later heeft stichting Hulp en Recht 1100 nieuwe meldingen van misbruik ontvangen (Friesch Dagblad). Deze stichting werd al in 1995 opgericht door Rooms-Katholieke paters en leidinggevenden van religieuzen om ‘hulp en recht te bieden aan mensen die het slachtoffer zijn geworden van seksueel misbruik door priesters, religieuzen en kerkelijk werkers.’ Nu blijkt echter dat in plaats van werk te maken van deze meldingen, ze meestal in de doofpot werden gestopt (zie ook waarschuwingen op seksueelmisbruik.info). Dit gebeurde Zowel door deze stichting als door geestelijken die op de hoogte waren van misbruik gevallen. Zelfs de Paus (de vorige) zou van misbruik zaken geweten hebben, zonder er consequenties aan te verbinden  (NRC). Dat de kerk misbruik liever verdoezelde dan het openbaar te maken is te begrijpen in het licht dat het laatste nadelig zou zijn voor de kerk. Het leed dat hierdoor veroorzaakt wordt past echter totaal niet bij de boodschap van liefde, zorg, zingeving en leiding die de kerk uitdraagt. Ik vind het erg zorgelijk dat de kerk zichzelf als voorloper op die gebieden profileert, maar kennelijk niet in staat is adequaat in te grijpen als leden van de kerk over de schreef gaan. Dit leidt tot het beeld dat de kerk zichzelf boven de aardse omgangsvormen, normen  en waarden stelt: kennelijk hoeven geestelijken niet door staatsrecht schuldig of onschuldig bevonden te worden en kan iedere zonde vergeven worden. Van slachtoffer hulp heeft de R.K.-kerk kennelijk nog niet gehoord.

Op 23 maart publiceert het NRC een kaart met meldingen van seksueel misbruik gebaseerd op 230 verklaringen. Het misbruik was het hoogst in de jaren 50 en 60. In de jaren 70 was er een drastische afname zodat in de jaren 80 en 90 er nog maar enkele voorvallen van seksueel misbruik en mishandeling per decennium zouden zijn. Het gebrek aan verklaringen voor de jaren 30 en 40 wordt geweten aan de waarschijnlijkheid dat slachtoffers uit deze periode inmiddels overleden zijn. De drastische afname in en na de jaren 70 wordt geweten aan een afname in het aantal internaten (met name die waar misbruik plaats vond) en seminaries.

Verklaring

Als verklaring voor het veelvuldige misbruik wordt het celibaat genoemd, versterkt door het taboe dat op seks rustte in de jaren 50 en 60 en dat er nu nog steeds op rust binnen de Katholieke kerk. Verder is het waarschijnlijk dat de machtsverhoudingen die binnen de kerk bestaan gemakkelijk tot machts misbruik leiden. De moeilijkheden om aan het celibaat te voldoen in de contekst van een samenleving met een sterk taboe op seks en seksualiteit, gecombineerd met het bekleden van een machts positie, heeft kennelijk vele geestelijken van het rechte pad gebracht.

lees verder:
> Hoe zijn het celibaat en het taboe op seks tot het Christelijk erfgoed gaan behoren?
De evolutie theorie en het vroege Christendom geven aanwijzingen voor het ontstaan van dit erfgoed en mogelijk ook voor het ontstaan van homofobie.

> Het Celibaat en de Roomskatholieke kerk
Hoe gaat de Roomskatholieke kerk tegenwoordig om met het celibaat? Hoe is het om als celibaat te leven? De media aandacht heeft diverse persoonlijke ontboezemingen naar voren gebracht.

Posted in Maatschappij kritisch, Socio-Eco-Logic | Comments Off

Het Celibaat en de Roomskatholieke kerk

De huidige Roomskatholieke kerk verwacht van haar geestelijken dat zij een leven leiden van seksuele onthouding. Daar komt nog eens bij dat binnen deze kerk er een groot taboe rust op seks en seksualiteit. Over deze onderwerpen kon dus niet gepraat worden en over homoseksuele relaties al helemaal niet. Relaties werden echter wel gedoogd. En de geestelijken zullen veel aan seks gedacht hebben. Huub Oosterhuis vertelt in het NRC:

“Er waren in de jaren vijftig honderden priesters die in het verborgene een relatie hadden, maar ik herinner me ook het fanatisme waarmee mannen probeerden de celibaatsgelofte trouw te blijven. Dat werden dan vaak moeilijke, gefrustreerde, kille mensen.”

De wens om seks te hebben is dus iets natuurlijks. Het celibaat gaat hier recht tegenin en zorgt dus onvermijdelijk voor conflicten met de natuurlijke zelf van de mens. Mensen gaan heel verschillend om met dit soort innerlijke conflicten, maar uit psycho-sociaal onderzoek blijkt dat uiting van gevoelens bijdraagt tot verwerking van dit soort conflicten. Verwerking leidt vervolgens tot in het reine komen ermee, en daarmee wordt het mogelijk om met deze conflicten te leren leven, maar niet perse om ze uit te sluiten.

Gevoelens uiten kan op verschillende manieren. Ten eerste kun je naar je gevoelens leven, in dit geval door lief te hebben en seks te hebben. Er is dan dus geen sprake van een conflict. Als dat echter niet kan en er dus een conflict is, dan is de beste manier om gevoelens te verwerken en het conflict op te lossen, is door erover te praten met anderen. De meerwaarde hiervan is dat iedereen met een andere blik naar een probleem kijkt en mensen elkaar daardoor kunnen helpen om tot nieuwe inzichten te komen. Deze inzichten kunnen vervolgens helpen om een probleem of emotie te verwerken. Als praten niet mogelijk is, dan wordt schrijven de beste remedie, aangezien dat sneller tot zelf-reflectie leidt dan enkel over een onderwerp na te denken. Maar nog steeds zal de vooruitgang die geboek wordt waarschijnlijk kleiner zijn dan wanneer er met iemand anders over het onderwerp gesproken was. Mensen die in hun eentje een intern conflict moeten oplossen zijn daar niet altijd toe in staat. Zij kunnen dan niet genoeg afstand nemen van zichzelf, en objectief het probleem bekijken. Zonder hulp zijn zij niet in staat om hun perspectief op het probleem zodanig te veranderen dat zij een oplossing zien. Het gevolg is frustratie en leiden.

Kennelijk staat kiezen voor een celibaat leven vrijwel gelijk aan kiezen voor een onnatuurlijk leven van onthouding en intern conflict. Geheime relaties zijn het gevolg, maar ook het vergrijpen aan onschuldige kinderen. Huub Oosterhuis : “de oorzaak (van misbruik van minderjarigen, red.) is het verplichte celibaat en zolang dat niet wordt afgeschaft, zullen dergelijke schandalen doorgaan”.

Verder vertelt hij dat de enige controle die de kerk kon uitoefenen middels de biecht was. En zelfs dan werd er niet direct over seks en seksualiteit gesproken, maar in codes. Geestelijken hadden dus geen mogelijkheid om over dit alom tegenwoordige intern conflict te praten. Sterker nog, geestelijken werden geacht zichzelf te geselen om deze natuurlijke drang eruit te slaan. Tegelijk werden relaties gedoogd. Sterker nog, misstanden zoals misbruik werden niet eens gestraft. De dader werdt slechts overgeplaatst.

Over de mogelijkheid tot controle of uiting zegt hij:“binnen de katholieke kerk is de biecht de enige controle. De biecht in kloostergemeenschappen gaat voornamelijk over seksualiteit. Daar bestaan codes voor. Als ik wel eens in Maastricht de biecht afnam en een priester zei dat hij naar Luik was geweest, bedoelde hij: ik ben naar de hoeren geweest”.

Priesters gaan heel verschillend om met wat de kerk van hen verlangt wat betreft het celibaat. Sommigen kunnen er heel goed mee omgaan, anderen worstelen er hun hele leven mee. Sommigen verlaten uiteindelijk de kerk en trouwen.

Volgens Van Kuijck wordt het misbruik door priesters terecht in verband gebracht met het celibaat. „Als twaalfjarige jongen werd jevanuit je gezin overgeplaatst naar een kleinseminarie. Je kwam niet meer op een normale wijze in aanraking met meisjes. Daardoor had je een grotere kans op een ongezonde manier van omgaan met seksualiteit, en alles wat daarbij hoort. Door de eeuwen heen is de kerk verkrampt met seksualiteit omgegaan, je moest maar flink bidden, dan had je er minder last van.,
> bron

Voor de kerk was dit een zaak van persoonlijk falen dat vergeven kon worden, en dat als het algemeen de bekend zou worden slechts de kerk zou schaden. Volgens hedendaagse normen en waarden waren beide partijen echter fout. Zowel de persoon die de ontucht pleegde als de kerk die medeplichtig werd door het voorval in de doofpot te stoppen en erger nog, niet omkeek naar de slachtoffers van haar eigen falen. Cardinaal Simonis van Utrecht verklaarde ´wir haben es nicht gewust´. Wij waren niet verantwoordelijk voor de vele verschillende congregaten waaronder dit gebeurde, wij werden er niet over ingelicht. Hij koos met opzet het bekende repliek van het Duitse volk over de genocide in de concentratie kampen van de Tweede Wereldoorlog. Woorden die hij acteraf terug zou nemen.
> bron

Posted in Socio-Eco-Logic | Comments Off

Hoe zijn het celibaat en het taboe op seks tot het Christelijk erfgoed gaan behoren?

Hoe zijn het celibaat en het taboe op seks tot het Christelijk erfgoed gaan behoren?
Om hierachter te komen kan men teruggrijpen tot het begin van het christendom of zelfs verder. In het prille begin van de Christelijke kerk waren er namelijk al kloosters. Volgens een National Geographic documentaire over Capedocie was een van de eerste grote Christelijke kloosters gesticht in een ondergrondse stad in Turkije. In die tijd werden Christenen opgejaagd, en de streek van Capedocie bood veel ondergrondse schuilplaatsen. Het klooster moet uit zeker honderden kerken en duizend geestelijken bestaan hebben. De stichter schijnt geinspireerd te zijn door het kluizenaarsleven dat hij bij hermiten in de woestijn had gezien. Wikipedia bevestigt dat in het begin van het Christendom het woord ‘hermiet’ verwees naar kluizenaars die in de woestijn de veertig jarige dwaling van Mozes en zijn volk herleefden uit geloofsovertuiging. Echter, ver voor die tijd moeten er in India al hermiet-achtige geestelijken geleefd hebben. Zo getuigd het levensverhaal van de Boeddha (ca 400 vC), maar als ik mij goed herinner wordt deze levenzwijze ook al genoemd in de Indiase Veda’s (ca. 1500 vC). In dit wikipedia artikel wordt ascese in religieuze zin gedefinieerd als ‘het streven naar beheersing of onderdrukking van natuurlijke behoeften (hartstochten en begeerten red.) om tot een vorm van reinheid te komen. Vasten en seksuele onthouding zijn in die zin vormen van ascese’. Ascese wordt in dit artikel ook genoemd als onderdeel van het vroeg Christelijke kluizenaars- en kloosterbestaan. Hoewel het bovenstaande niks bewijst, maakt het wat mij betreft wel aannemelijk dat het celibaat en seksuele onthouding welke binnen de Christelijke kerk worden gepredikt dus gebaseerd zijn op veel oudere tradities, die ook toen al een soort van religieus doel hadden.

Omdat er steeds minder geschreven bronnen beschikbaar zijn naarmate men verder de geschiedenis in duikt wil ik verder niet ingaan op de herkomst van ascese, maar ik wil het wel hebben over de rol van ascese voor vroege Christenen. Vervolgens zal ik naar de ontwikkeling van het taboe op seks kijken tot aan de huidige tijd.

Wat was de rol van seksuele onthouding voor vroeg Christelijke asceten?

Uit de evolutie theorie volgt dat het voor asceten veel belangrijker was om seksuele en voedings begeerten te beteugelen dan enig andere hartstocht. Dit zijn namelijk de meeste bazale behoeften die een mens (of dier) maar kan hebben. Eten is absoluut nodig om in leven te blijven en dus nodig voor de instandhouding van het individu. Maar zonder seks en drang tot voortplanting geen nageslacht. Seks is dus absluut nodig voor de instandhouding van de soort. De dood van een individu of het onbreken van nageslacht zijn onbelangrijk als dit slechts een aantal individuen betreft uit een grote populatie. Als geen enkel individu uit die populatie echter drang tot eten of voortplanting had, dan kreeg de aarde een drastisch andere aanblik: leeg en dood.

Eten en seks staan dus aan de basis van vrijwel alles wat nu nog of vroeger ooit geleefd heeft. Andere behoeften, hartstochten en begeerten zijn van deze primaire begeerten afgeleid. Neem bijvoorbeeld intellect: Een slim persoon (of dier) zal waarschijnlijk goed zijn in het vinden van eten (bezit) en is daardoor een geschikte partner om kindjes mee groot te brengen. Geen wonder dat wij tegenwoordig in een prestatie gerichte consumptie maatschappij leven. En waarom hebben ‘mooie’ mensen altijd alles? Omdat ze waarschijnlijk betere genen hebben, gezonder en langer zullen leven (of minder snel dood zullen gaan van slecht of te weinig eten) en dus betere partners zijn om mee voort te planten.

Behoefte aan seks is dus diep geworteld in de menselijke natuur. Zonder die drang had de huidige mens niet eens bestaan. Het belang van voortplanting wordt ook in de bijbel genoemd. God zegt immers tegen Adam en Eva: “gaat voort en vermenigvuldigt u”.

Filosofie heeft de mens ertoe gebracht in meer te geloven dan alleen het aardse. Er is een geloof gekomen in ‘iets meer’ en men geloofde dat door de ‘aardse’ behoeften te overwinnen men iets kon leren van dat boven natuurlijke. Overwinning van behoeften als bezit en liefde waren haalbaar. Sex ook, want het is enkel van belang voor de instandhouding van de soort, niet het individu. Eten was haalbaar voor een bepaalde tijd (je zou eerder omkomen van een tekort aan vocht). Ongetwijfeld ging je flink halucineren van een gebrek aan voedsel, maar dat kon mooi worden uitgelegd als een verlichte ontmoeting met het onkenbare.

Een voedingsbodem voor homofobie

Het vroeg Christelijke kloosterleven was dus gebaseerd op het leven van Asceten. In de kloosters gingen echter grote groepen mannen samen leven, wellicht allen strevend om seksloos door het leven te gaan. De enigen waar ze in die samenleving seks mee konden hebben waren dus mannen. Het gevaar van verleiding die je van je pad van verlichting af zou brengen kwam dus niet meer van vrouwen, maar juist van mannen. Dat brengt mij bij het tweede onderwerp van dit stuk: de rol van homoseksualiteit binnen de christelijke kerk. Deze situatie lijkt mij namelijk de ideale voedingsbodem voor het ontwikkelen van een diepgewortelde homofobie: De grootste opgave voor een asceet werd niet de onthouding van seks met vrouwen (die waren toch niet in de buurt), maar seks met mannen.

Seksuele onthouding en homofobie maakten dus al vroeg deel uit van het vroeg Christelijke klooster leven en werd daarmee deel van het Christelijk erfgoed. De focus op deze onderwerpen veranderde geleidelijk in een taboe. Als iedereen in een gemeenschap ergens naar streeft, maar het lukt jou niet om aan die verplichting te voldoen, dan voel je je daar slecht over. Dat voelt als een falen en zo’n persoonlijk falen wil je natuurlijk niet onder de aandacht brengen. Het is dus logisch dat er een taboe op seks en homoseksualiteit ontstond.

Posted in Maatschappij kritisch, Socio-Eco-Logic | Comments Off

Een leven lang crisis

Tegenwoordig spreekt men vaak van ‘een leven lang leren‘. Leren houdt niet op na je studie. Ook op de werkvloer zul je nog regelmatig een cursusje doen en je moet actief de ontwikkelingen bijhouden om ook op je zestigste nog goed inzetbaar te zijn voor je bedrijf. Met mijn 27e verjaardag ben ik tot de conclusie gekomen dat een leven lang leren ook van toepassing is op persoonlijke ontwikkeling.
Als we kijken naar de transitie die mensen doormaken in hun ontwikkeling van babies naar jongeren, volwassenen en tenslotte bejaarden, dan zien we dat er altijd reden is tot stress en onbalans. Daarbij doel ik op een balans tussen afhankelijkheid en onafhankelijkheid. Deze balans bepaald of iemand zich gelukkig voelt, of in crisis. Die crisis geeft eigenlijk aan dat er een wens is om de situatie zodanig te veranderen dat er een nieuwe balans gevonden wordt.

De ontwikkeling van persoonlijkheid bij kinderen

(uit de ontwikkelings psychologie)

Als babietjes geboren worden zijn ze volledig afhankelijk van hun ouders. Hun hersenen zijn nog niet helemaal ontwikkeld en hun lichaam hebben ze nog niet onder controle. Als de ouders niet voor ze zorgen gaan ze dood. We beginnen dus in een staat van totale afhankelijkheid.

Peuterpuberteit – zo rond de 2 jaar worden peuters steeds meer zelfstandig en uiten dat door hun grenzen te verkennen en hun ouders zo te terroriseren (niet alle pubers zijn even erg). De peuter puberteit volgt op de anale fase: in deze fase leert het kind zijn darmen onder controle te krijgen en dat hij er zelf voor kan zorgen dat hij niet ´zomaar´ nat en vies wordt. Dit is een mijlpaal in de onafhankelijkheid, met als gevolg het zoeken naar nog meer grenzen. Het kind heeft geleerd: hey, ik ben een onafhankelijk persoon en ik kan controle hebben over wat met mij gebeurt! Welkom in de peuterpuberteit, de "Ik-ben-2-dus-Ik-zeg-Nee fase" en de wereld van de "terrible two’s".

De fallische fase – van het 3e tot 6e levensjaar ontdekken kinderen hun  genitaliën en het verschil tussen jongens en meisjes. Jung (1875 – 1961) introduceerde het Oedipus complex als verklaring van wat er in deze periode gebeurt: jongetjes worden verliefd op hun moeder en zien hun vader als rivalen en voor meisjes geldt het omgekeerde. Daarmee creeeren ze een groot intern conflict, want de ouders moeten ook nogsteeds voor het kind zorgen. Om deze crisis op te lossen nemen ze de vader (of moeder) vervolgens als rolmodel. Zo sla je een hoop vliegen in 1 klap: papa wordt niet boos, mama gaat je ook lief vinden en als extraatje voor de ouders (en de algehele evolutie van de menselijke soort) neemt het kind de normen, waarden en het leefpatroon van de ouders over. Dit alles zou bovendien moeten hebben geleid tot de ontwikkeling van een geweten, waardoor het kind ook weer een stap dichter bij onafhankelijkheid is: het kan nu zelfstandig nadenken over goed en kwaad.

Na deze fase is het kind veel sterker op de wereld om zich heen gericht. Vriendjes worden steeds belangrijker (aangezien papa en mama al getrouwd zijn) en het kind steeds onafhankelijker. Maar ook in deze fase is het kind nog erg afhankelijk van de ouders: het kan bijvoorbeeld nog niet koken en heeft hulp en leiding van de ouders nodig.

Puberteit en jong volwassenen

De puberteit – Meisjes puberen in de leeftijd van 9 tot 14 jaar, jongens tussen hun 10e en 17e. Ik dacht vroeger dat puberteit gewoon een labeltje was dat volwassenen gebruikten om aan te geven dat het niet hun schuld was (zij bepaalden de opvoeding) dat hun kind zo opstandig en dwars was, niet wou deugen of luisteren. In deze fase worden jongeren namelijk lichamelijk en psychisch steeds volwassener. Bewustwording en persoonlijkheids vorming vindt plaats, waardoor naar de ouders luisteren steeds minder vanzelfsprekend wordt. Jongeren kunnen ook steeds meer voor zichzelf zorgen: eten kopen en klaarmaken is geen probleem. Financieel zijn ze echter nog wel afhankelijk van de ouders, aangezien ze nog (nauwelijks) mogen werken. De toegenomen onafhankelijkeheid wordt niet altijd door de ouders erkend, en het is frustrerend om steeds te moeten toegeven dat je toch afhankelijk van je ouders bent, ook al denk je nu onafhankelijk. Gevolgen zijn onzekerheid, frustratie en mogelijk conflict met ouders en de omgeving.

Op de middelbare school – Ik dacht vroeger dat je volwassen werd in je puberteit, maar eigenlijk gebeurt dat dus pas daarna. Men zegt ook wel dat jongeren tegenwoordig steeds later volwassen worden, maar volgens mij is dat perceptie. In elk geval volgen na de puberteit nog enkele jaren op de middelbare school, waarin de onbalans tussen zelfstandigheid en onzelfstandigheid steeds groter worden. Vrienden worden steeds belangrijker en de behoefte aan volwassen sexuele relaties ook. Jongeren zijn op zoek naar hun identiteit binnen de groep, en naar de liefde van hun leven. Ouders stellen echter nog steeds de regels en die hebben liever niet dat er aan sex gedaan wordt of dat de kinderen alsmaar buitenshuis rondhangen. Op school wordt verwacht dat er naar een examen toe gewerkt wordt, en dat er dus vleitig gepresteerd wordt. Deze jong volwassenen zijn vaak nog steeds afhankelijk van hun ouders voor onderdak. Wel is er meer financiele vrijheid door bijbaantjes en zakgeld.

Op de universiteit of HBO - Na de middelbare school volgen enkele jaren studie. Een grote stap naar zelfstandigheid wordt gemaakt door uit huis te gaan, maar financieel blijft de jongere afhankelijk van ouders en studiebeurzen. Omdat de studie vaak vrijer is ingericht kan er ook meer vrijheid genomen worden, en veel jongeren zullen zich dus beter in balans voelen omdat ze hun sociale positie eindelijk vrijelijk kunnen bepalen. Toch blijft er een hoop onzekerheid, want de universiteit blijft een ‘veilige’ dummy situatie: je bent zeker van inkomen, je resultaten hebben voor niemand gevolgen behalve voor jezelf. Maar wat gaat het opleveren in de toekomst? Heb je de juiste studiekeuze gemaakt en kun je later een baan vinden en financieel onafhankelijk worden? Deze onzekerheid en sociale onzekerheid (nog geen vaste partner) zorgen toch weer voor een hoop onbalans.

Quarterlife crisis - Zo rond de 25e levensjaar is de jongere dan eindelijk afgestudeert en kan het beginnen aan een baan. De financiele vrijheid die dat oplevert maakt het ook mogelijk om de laatste vrijheid te verwerven: een eigen huis kopen en voor een gezin zorgen. Maar, is dit wel de baan die je wou? Tot nu toe was het doel het behalen van een papiertje en financiele vrijheid, maar nu dat berijkt is, moet de baan inhoudelijk ook wel aansluiten op iemands wensen en idealen. Tijd dus voor zelfreflectie en persoonlijk ontwikkeling, maar ook voor dat huis en gezin. Maar wacht eens, dat zorgt weer voor een hoop vrijheid beperkende verantwoordelijkheden!

Dertigers dilemma – dus ja hoor, de volgende crisis heeft zich alweer aangediend. Met maar een paar jaar werk ervaring, en terwijl de quarterlife crisis nauwelijks is opgelost moet er over een hoop zaken besloten worden in een steeds complexere context: houd ik deze baan? Deze vriendin? Dit huis? Ben ik er gelukkig mee? Doe ik het er maar mee? Moet ik voor mezelf beginnen? Kan ik dat, heb ik de benodigde ervaring? We werden steeds onafhankelijker, maar nu worden we weer steeds afhankelijker en dat door onze eigen keuzes. Dat maakt het dilemma: we creeeren ons eigen probleem. Financieel zijn we zowel afhankelijk als onafhankelijk: we hebben geld en daarom inkomsten, maar als we de baan verliezen, dan ook het geld. Je moet dus strategisch besluiten wat je doet. Voor jezelf beginnen is waarschijnlijk nog geen optie, want je hebt geen werkervaring. Je bent dus afhankelijk van je werk en collega’s om die ervaring op te doen. Waarschijnlijk wil je een relatie, maar ook daarmee geef je onafhankelijkheid op.

Eindelijk volwassen

Een moment van geluk - Laten we aannemen dat met een aantal keer job hoppen en verschillende relaties je in een situatie belandt waar je eindelijk balans hebt gevonden in je leven: leuk werk, lieve partner, wolken van kinderen die opgroeien als kool. Een moment dus van rust. Maar hoe snel berijk je dat? Ik kan me voorstellen dat daar ook wel een jaar of tien overheen gaan. Dus je bent al een jaar of 40 als je dit berijkt. Tijd dus voor een…

midlife crisis – Deze crisis komt vaak voor rond de 46e levensjaar, maar op wikipedia staat dat het tussen de 30e (lijkt mij het dertigersdilemma) en 60e kan komen (daar heb ik ook nog wel een benaming voor). Mannen zitten overigens 3–10 jaar in deze crisis en vrouwen 2–5 jaar. De oorzaak van deze crisis is het besef dat je steeds ouder wordt, en nog niet al je doelen berijkt hebt. De dood komt steeds dichterbij en de noodzaak het roer radicaal om te gooien (mits je die doelen alsnog wil berijken) wordt dus steeds groter. De gevolgen zijn bekend: scheiden, baan opzeggen, emigreren of toch eindelijk die motor. Het mooie is dat je in deze levensfase vaak wel de mogelijkheid hebt om deze keuzes te maken. Als je wil kun je financieel onafhankelijk zijn (je bent een expert in je vakgebied en kunt overal aan de slag of voor jezelf beginnen) en sociaal onafhankelijk (je partner bepaalt jou niet, maar wel je geluk; je kinderen zijn groot; je vrienden blijven je steunen). Eindelijk kun je zelf balans aanbrengen in je afhankelijkheid en onafhankelijkheid.

Het pensioengat – Je bent nu een jaar of 60 en pensioen komt toch wel heel dichtbij. Iets waar je naar uitkijkt, of tegenopziet. Misschien ben je al uitgeblust, of barst je nog van de energie en ideeen. Een ding is zeker, je bent niet meer de jongste op de werkvloer. Als je geluk hebt ben je in goede gezondheid en waarderen je collega’s je expertise. Als je minder geluk hebt gaat het op een of beide vlakken slechter. Maar je hebt nu zo’n 35 jaar werk erop zitten. Dag in, dag uit had je een dagbesteding wat voor financiele en sociale onafhankelijkheid zorgde. Sociaal gezien werd je gewaarsdeerd en maakte deel uit van een gemeenschap. Nu valt dat van de ene op de andere dag weg. Er moet dus een nieuwe balans gevonden worden. Het leven moet opnieuw worden ingericht. Er is eindelijk tijd om te doen wat je wil, maar misschien zijn de middelen er niet meer (of ze verdwijnen rap): gezondheid, geliefden.

De aftakeling - Naarmate je ouder wordt takelt het lichaam steeds verder af en wordt je voor zorg steeds afhankelijker van je omgeving. Laten we hopen dat je nu terug kan kijken op een mooi leven waarin al deze crisissen het beste van jou naar voren hebben gebracht.

Nu ik dit allemaal heb opgeschreven besef ik dat crisis bij het leven hoort, evenals een leven lang naar jezelf zoeken en balans aanbrengen. Het belangrijkste is dat je je daardoor niet laat ontmoedigen, maar gewoon alle opties bekijkt en keuzes maakt. Prioriteiten aanbrengt en doorgaat. Ik ben gek op leren, dus een leven lang leren kan niet anders dan op mijn lijf geschreven zijn.

Posted in Maatschappij kritisch, Personal, Socio-Eco-Logic | Comments Off

Het gymnasium, niet meer wat het was

Enkele dagen geleden hoorde ik op het nieuws dat een commissie een voorstel heeft gedaan om veranderingen door te voeren op het gymnasium. In plaats dat Gymnasium leerlingen verplicht Latijn of Grieks in hun curriculum moeten hebben, krijgen ze voortaan allebei, maar met meer nadruk op cultuur en minder op vertalen (lees meer in Trouw, nrc handelsblad of de pers).

De reden waarom er naar vernieuwing op het gymnasium gezocht wordt, is het feit dat maar erg weinig gymnasiasten voldoendes halen bij hun eindexamens. Kennelijk zitten er dus te veel leerlingen op het gymnasium die daar niet horen. Waarom zitten ze dan toch op het gym?

Het gymnasium heeft aanzien en de scholen die het aanbieden vormen de steeds schaarser wordende blanke enclaves in scholenland. Onze samenleving is triest, de angstigen nog triester.

Ils sont fous ses Romains
Maar terug naar het aanzien: Ja toch? Latijn en Grieks, dat is toch zo moeilijk, dan moet je wel een bolleboos zijn als je dat kan! Dat denkt u toch zeker ook? Dat dacht ik tenminste wel, toen ik nog jong was.

Toen ik een jaar of 10 was ging mijn zus naar het gymnasium. Uit de gesprekken die mijn ouders voerden maakte ik op dat dit het hoogst haalbare was wat betref middelbaar onderwijs. Strevertje als ik was, wist ik het meteen: daar moet ik ook heen. Niet om de beste te zijn, maar om het beter te doen dan mijn zus! Zo werkt dat als je jong bent, en de jongste thuis. Niks te maken met intelligentie, of het ver schoppen in het leven, gewoon je zus voorbij streven is het hoogste doel.

(Ok, stiekem wou ik ook wel het hoogst haalbare onderwijs krijgen om de wereld te veranderen, maar dat is een ander verhaal. )

Hoe dan ook, twee jaar later was het mijn beurt. Middelbare school, brugklas met introductie in de klassieke talen. De weg naar het gymnasium lag voor mij open. Gymnasium, het is toch op zichzelf al een mystiek woord? Allerlei beelden doemen op, van vleitige leerlingen wiens hersens op hoog niveau ratelen, edoch soepel gekneed worden, als voorbereiding op latere, veel betalende banen.

Lorem Ipsum Dolor... Want als 12 jarige kneuter had ik dat wel begrepen: gymnasium halen was echt nuttig! Daarmee kwam je verder. Misschien dat toen al bleek dat ik een wetenschapper in me had, want je ging je vanzelf afvragen waar een ‘dode’ taal dan in vredesnaam goed voor was. En met 1 uur per twee weken zat er al helemaal geen schot in de zaak. En van alleen maar verhaaltjes over Goden pantheons en een Grieks alfabet leren werd ik nou ook niet bepaald wijzer.

Gelukkig begon in de tweede klas het echte werk. Volgens mij hadden we op een gegeven moment iets van vier uur per week grieks en nog eens vier uur per week latijn. Misschien dat ik overdrijf, en misschien dat het al in de derde was. Maar dit waren betere tijden. Woordjes stampen, teksten vertalen, en als beloning voor de moeite een mooi verhaaltje. De grammatica was een crime, maar dankzij latijn heb ik uiteindelijk ook mijn Duits met een voldoende kunnen laten vallen… Maar als klap op de vuurpijl hadden we ook gewoon leuke leraren voor de klassieke talen. Stuk voor stuk unieke, chaotische, ongelooflijk eigenaardige mensen, maar schatten voor wie ik al het zwoegen over had.
En toen sloeg vertwijfeling toe. Er moesten vakkenpakketten gekozen worden. Er zijn maar zoveel uren in een week, en er moeten prioriteiten gesteld worden. We leven immers in Nederland. Gelukkig voor mij was mijn zus imiddels ook al met het gymnasium gestopt en had zo de mogelijkheid om athenaeum te doen bij mij geintroduceerd. Ik zeg gelukkig, omdat ik anders waarschijnlijk met mijn domme schapekop halsstarrig had volgehouden dat ik ook best gymnasium kon doen, om alleen maar met een slecht examenresultaat de school te verlaten. Maar zuslief heeft mij voor dit falen behoed, en de weg open gelegd voor een vakkenpakket dat mij grondig zou voorbereiden op een universitaire vervolgstudie (het nieuwe hoogst haalbare aan de horizon).

S.P.Q.R.

En nu hoor ik dat dat wat mij zo lief was: vertalen, woordjes stampen, mooie verhaaltjes als beloning zo goed als komt te vervallen als eis voor het behalen van een gymnasium diploma. Een steek in mijn hart.
Maar van de andere kant, waar was het eigenlijk goed voor? Toen ik het studeerde dacht ik echt dat het nut had, maar achteraf bezien heb ik er weinig profijt van. Ja, ik heb de duitse naamvallen beter onder de knie dankzij latijn, maar dat had ik anders wel op een andere manier geleerd. Ja, ik kan nu de tekst op een oud gebouw grofweg vertalen, maar wat heb je daar nu aan? Ja, ik ken een hoop moeilijke woorden, maar de betekenis van hun latijnse stamwoord ken ik niet, alleen de huidige Nederlandse betekenis. En tenslotte: Nee, ik ga niet voor mijn lol oud-griekse boeken in orriginele druk lezen. De Bijbel is toch ook niet voor niks vertaald naar het Nederlands? (zie Statenbijbel)

Dat brengt mij op iets heel anders. Wist U dat veel van de kennis van de Grieken ons berijkt hebben, omdat de Arabieren ze vleitig hebben overgeschreven, vertaald, becommentarieerd en bewaard? Ja, veel Moslims leren tegenwoordig Arabsich om de Qur’an in zijn orriginele vorm te kunnen lezen, maar het is wel dankzij de bloei van de Arabische kunst, cultuur en Wetenschap en hun expansiedrift zo rond het jaar 1000 en ons antwoord daarop middels de kruistochten van rond 1200, wat ons aan de huidige kennis van klassieke talen heeft geholpen (zie ook deze wiki).

Dus toen rees bij mij de vraag, waarom hechten wij zo aan dat Latijn en Grieks? Ja, de Romeinen hebben een deel van Nederland bezet, en zij hebben waarschijnlijk wel de eerste vormen van georganiseerd bestuur, recht en pensioen geintroduceerd (laat staan wegen aangelegd, steden gesticht en wat niet meer). Onze geschiedenis begint ook nog eens min of meer met de opstand der Batavieren, beschreven door een Romijn. Ze hebben vast een hoop innovatiefs uitgevonden en voor elkaar gekregen en aan ons doorgegeven, maar later zijn er toch nog veel belangrijkere uitvindingen gedaan, en zijn er toch ook veel meer en ingrijpendere politieke veranderingen doorgevoerd? Maar er is toch ook geen vak ‘Napoleontisch Frans’, vanwege al zijn verdiensten voor Nederland? Of: ‘Economie volgens de VOC’ of: ‘Hindoe-Arabische Wiskunde’. Ter gedenking ende verheerlijking dezer grondleggers van de huidige kennis, ofschoon wat zij deden reeds lang verworpen ende ontkracht is ende vervangen door nieuw wetenschappelijk inzicht ende innovatieve moderniteit, edoch nogsteeds van het allergrootste belang dat het deel uitmaakt van uw parate kennis ter ontegenzeggelijke verduidelijking dat u een degelijk geschoold ende uitermate intelligent wezen bent.

Een nieuw gymnasium, met meer oog voor cultuur, minder voor vertalen. Een vernieuwd gymnasium, omdat zovelen gymnasium willen doen, maar dat eigenlijk niet kunnen. Wat gaan die jongeren dan leren, vraag ik me af. Wat ik van commentaren op de columns over de veranderingen bij het gymnasium mee krijg, is dat het vertalen van orriginele teksten de kern van de vakken Latijn en Grieks was, en dat cultuur helemaal niet zo van belang was. De deugden die je met vertalen leerde was een zekere denkwijze, (logica ?) argumenteren en de kunst van tekstueel inzicht. Maar wat zouden wij nou echt leren van de Romeinse cultuur, samenleving etc.? Waarom toch blijven steken daar, als er daarna nog zoveel meer is gebeurd wat nog veel bepalender was en meer vormgevend aan onze huidige samenleving?

ses Romains..

Ik heb een heel ander voorstel. Als het Gymnasium wordt ervaren als een opleiding voor de slimsten, de bollebozen die de wereld zullen besturen en grootse ontdekkingen zullen doen, waarom laten we het Grieks en Latijn dan niet los, en gaan we niet juist investeren in vakken waar onze kinderen echt wat aan hebben? Waarom de wiskundige bollebozen uitsluiten van dit hoogst haalbare op de middelbare school, simpelweg omdat ze een rekenknobbel hebben en niet een talenknobbel?

Hierboven noemde ik gekscherend wat (controversiele) onderwerpen voor vakken, maar zouden wiskunde, economie en recht (maatschappij leer?) niet veel interessanter worden als je ze koppelt aan hoe en wanneer in onze geschiedenis wij kennis gemaakt hebben met deze zaken. Hoe wij dat in onze cultuur geincorporeerd hebben, ons eigen gemaakt, en hoe dat ons maakt tot wie we nu zijn? Wat als Gymnasium doen zou betekenen dat je naast rekenen en lezen juist een beetje historisch inzicht mee zou krijgen, en daarnaast zou stampen op een beter begrip en een meer solide basis van de materie waarin onze kinderen zich willen gaan specialiseren na de middelbare school. Misschien dat ze zich dan ook beter weten te identificeren met de maatschappij waarin ze opgroeien, en helpt het hun hun plek te vinden in de woelende wereld om hen heen?

Stel je eens voor dat je Arabische taal en cultuur zou kunnen kiezen op het gymnasium, in plaats van Grieks en Latijn. Hoe zou dat onze samenleving veranderen?

Lion

Posted in Maatschappij kritisch, Socio-Eco-Logic | Comments Off